2012

WilmaVan 3 t/m 24 oktober j.l. was Stichting Help UGanda weer ter plekke in Uganda en bezocht haar projecten. Ook verrichtte het Tandheelkundig team in die periode haar werkzaamheden.

Hieronder vindt u van dag tot dag het verslag door HUG-voorzitter Wilma den Breejen-Buhrs. Het jongste verslag bovenaan.

Ons laatste ontbijt in Uganda vond plaats in de grote huiskamer van het Airport Guesthouse in Entebbe. Een heerlijk plekje dat door de Nederlandse eigenaar een Afrikaanse sfeer uitstraalt met de Hollandse degelijkheid, gezelligheid en smaakvariaties.

Om half 10 startte Jimmy de motor van de bus en zette ons af op de feestlocatie van het speelterrein van het Sure Prospect Institute (SPI). De voormalige Minister van Invaliditeit en Ouderen Zorg en haar echtgenoot waren aanwezig, vanuit hun functie als bestuursleden van het SPI, samen met de pastor van het dorp.
De kinderen zaten keurig aangekleed ons onder een grote feesttent al op te wachten. Na een lange en voor Nederlandse begrippen hier en daar wat dubieuze preek van de pastor, toespraken van de bestuursleden en het hoofd van de school Francis Kamuhanda, mocht Stichting Help Uganda (HUG) haar waardering uitspreken over het voor ons mooie project SPI, waar we inmiddels al 6 jaar actief zijn.

Met een vroege start zaten de eerste diehards om 7 uur aan het ontbijt. Stichting Help Uganda (HUG) heeft het kindertehuis KAYDA een keuken gedoneerd. KAYDA doet goed werk voor de bij hun verblijvende straatkinderen in Kampala en wij promoten dat ieder jaar met een kleine gift, ondanks dat het geen vast project van HUG is. Nu hebben zij een buitenverblijf, in de vorm van een boerderij, op het platteland. Ze houden hier kippen en wat koeien en leren de kinderen hiervoor te zorgen. Stichting HUG was gevraagd vandaag deze keuken officieel te openen.

Onze laatste volle werkdag. Het patiëntenaantal werd fors vermeerderd door de schoolkinderen van Bisaana, die door Jenny en haar vriend naar ons toeverwezen waren.

Het ontbijt op onze laatste werkdag.Het ontbijt op onze laatste werkdag.Een blije tandarts Godfrey neemt de dozen in ontvangst.Een blije tandarts Godfrey neemt de dozen in ontvangst.

Vandaag stond er geen wekker om half 7 en waren we uitgerust aan het ontbijt op deze verplicht vrije dag (de school is gesloten op zondag). Ieder richtte de dag naar eigen wijze in. Door sommigen werden er inkopen gedaan, anderen slenterden over marktjes, er werd gezwommen en ontspannen weggedoezeld in de zon. De dwergpapagaaitjes vlogen af en aan en kwetterden dat het een lieve lust was.

Op iets meer dan halve kracht was de toestroom van minder patiënten dan gisteren prima te doen. De schoolkinderen waren vrij en de mensen uit het dorp kwamen druppelgewijs de berg op. Velen wilden liever een vulling en wezen onze radicale wijze van pijnbestrijding af. Dat gaf aan het eind van de dag een totaal van 79 patiënten en 103 extracties.

Met frisse moed zaten we met slaperige koppies en hier en daar met een onrustige buik aan het ontbijt. Ons nieuwe project in de sloppenwijk Masese in Jinja wachtte ons op. Terwijl de 2 bussen de berg naar de Masese Co Primary School opdraaiden, liepen de sloppenwijkkinderen al met ons mee. Er zaten, tot onze verbazing, al patiënten op ons te wachten, dus toen het klaslokaal omgetoverd was tot tandartsenpraktijk konden onze super 'removers' (zoals de meiden onze tandartsen lieflijk noemen) direct aan de slag.

Onze vrije dag werd goed besteed. Alle assistentes die een HUG-aCtie hadden opgezet, besloten om hun verkregen donaties te besteden aan de nieuwbouw van de Mount Ararat Primary School. Het arme schooltje in de sloppenwijk Polota, waar sommige lokalen opgezet zijn van golfplaten. Wat is dan leuker om het schooltje en de start van de nieuwbouw te gaan bekijken en hun achterban van dit project foto's te laten zien?! De kinderen waren dolenthousiast en blij met de uitgedeelde cadeautjes. Na een flitsbezoek aan het schooltje, waar we allemaal een goed gevoel van overhielden, zo van: hier wordt het geld écht goed aan besteed, reden we terug naar het guesthouse.

En ook vandaag draaide Jimmy rond half 9 de poort in van de St. Stephenschool. Al een heel rijtje met patiënten zat op het muurtje ons op te wachten. De man die onze tandheelkundige instrumenten gedurende 2 nachten in de kerk heeft bewaakt, heeft naast een beetje geld van Ron een overhemd en van zoon Martijn een t-shirt gekregen. Zelden iemand zó blij gezien (zie foto's).

Huisdieren zoals wij die in de westerse wereld houden, kennen ze in Uganda niet. Er lopen genoeg straathonden en -katten rond, maar die leven van de vuilnis. Dat er geen huisdieren zijn durven we niet te beweren, sterker nog: sinds vannacht weten we het zeker.

Om half 7 gingen de wekkertjes af en vernamen we dat de Poetsinstructie-meiden gelukkig goed aangekomen waren in Nederland.
Na het ontbijt voegde Jennie zich bij de groep en ging het met 2 volgepakte bussen richting Polota, waar de kerk met bezemen en dweilen bewerkt werd. Ieder nam een taak op zich en alras was de kerk omgetoverd tot een (bijna) volwaardige tandartsen-praktijk.

Jimmy startte om 8 uur de motor van de bus. Een beetje bedroefd waren we allemaal wel, want afscheid van het Poetsinstructieteam naderde nu wel erg snel. Het aapje Wimeti had zich goed gekweten van zijn beschermende taak.
Om 10 uur reden we de poort in van Noah's Ark waar de meiden nog even konden genieten van een kop koffie bij Piet en Pita en alle kinderhandjes die hen toegestoken werden.
En toen was het zover: afscheid met warme omhelzingen, dikke kussen en hier een daar een traantje dat weggepinkt werd. Daar gingen mijn meiden, wat hebben ze het GEWELDIG gedaan! Jimmy en Vincent zetten hen af bij het Airport Guesthouse in Entebbe, waar ze de dag gezellig zouden doorbrengen met mogelijk een bezoekje aan de prachtige Botanische Tuin aan het Lake Victoria.

De laatste volle dag hier in Uganda van de Poetsinstructiemeiden breekt aan. De tandartsgroep stapt om 11 uur op het vliegtuig in Nederland. Om 9 uur kwamen Jenny en Job ons ophalen, ons verrassingsdagje brak aan.
Gezamenlijk werden we door Jimmy afgezet bij de opstap op de boot, een type hoge kano met een afdakje, hier en daar een scheurtje. Het eiland temidden van de bronnen van de Nijl was voorzien van hutjes met koopwaar en er waren nieuwe bewoners in de vorm van kippen en katten.

De groep werd uigebreid met 2 gasten: onze vrijwilligster Jenny en haar Ugandese vriend Job. Iedereen schoof een bil op en gezamenlijk draaiden we de sloppenwijk Masese in. Na lang zoeken vonden we de Masese Co Primary School (basisschool) boven op de berg, met rondom de povere hutjes en schamel geklede kindjes.
Het Rode Kruis had hier afspraken gemaakt opdat we vandaag hier onze wagen, volgeladen met tandenborstels/tandpasta's en onze poetsinstructies, kwijt konden. We hebben ons, naar nu bleek, onterecht verlaten op hen, want ....., de school was vrij! Tja, dan sta je daar met het hele team en al je goede bedoelingen. This is Africa .....!

De dames stonden op hun vrije dag weer om 8.15 uur klaar en togen naar het centrum waar schriftjes, pennen, letter- en cijferposters voor een piepklein schooltje aan de andere kant van Jinja werden gekocht.
Irma wist de weg en dirigeerde Jimmy de Nijl over en ja, aan het einde van dit pad daar zou het schooltje zijn. Twee uur liepen de dames door de bush en hun uithoudingsvermogen werd beloond: het schooltje in een kerkje waarin geen ramen of deuren zitten!

Dit team is wel zo ongelofelijk gemotiveerd dat ik regelmatig op tijd, maar wel als laatste bij de bus sta om 8.15 uur. Vaak moeten Jimmy en Vincent dan nog komen aanslenteren (en zo hoort het ook in Uganda: "Mpola-Mpola" = slow by slow).
Deze ochtend zagen we de kleuters en de 1e en 2e klassers van diverse basisscholen, zo'n 320 kleine, schattige Ugandeesjes, die we met iedere handeling mochten helpen en dat was super. Lieve, verwachtingvolle oogjes keken naar ons op. Zij hebben tot nu toe in hun leventje nog nooit een Msungu (blanke) zo aardig gevonden (de meeste kinderen jonger dan 3 jaar zetten het op een erbarmelijk paniekerig huilen als ze ons zien, de vaak 1e blanke in hun leven).

Vandaag viert Uganda zijn 50e Onafhankelijksdag. Omdat dit gelieerd wordt aan de voormalige onderdrukking door blanken is Kampala voor ons een verboden stad op deze dag. We hadden een overvol programma ver weg van de hoofdstad, dus we hebben ons niet verveeld.
Na de boodschappen voor de lepramensen reden we richting Buluba waar het St. Francis Lepraziekenhuis staat. Onderweg reden we over onverharde slechte wegen waardoor de vaart er aardig uit was. Dat gaf de vrijwilligers de tijd om aan kinderen langs deze weg ballonnen uit te delen. Het ontroert me nog altijd om te zien hóe blij een kind kan zijn met een simpele ballon; ze staan te dansen en te juichen als we ook hen zo'n kleinood in hun handjes drukken.

Om 7 uur gingen onze wekkertjes meedogenloos af. Om half 9 reden we de afslag van Polota in en zagen we de apen dartelen langs de suikerrietvelden, weer zo'n prachtig fotomoment.
De kinderen van de St. Theresaschool gilden het uit bij het zien van onze bus en de hoofdonderwijzer en zijn team omhelsden ons ter verwelkoming. Margriet vroeg meteen om dansles tot grote hilariteit van de Ugandezen, die onze veel stijvere heupen maar lachwekkend vonden.

Na een heerlijke nacht liet de traditionele pannenkoek met banaan zich goed smaken. In afwachting van Jimmy maakten we een stukje van de kerkdienst mee, die hier swingend en dansend ingeluid wordt. De kinderen amuseerden zich ondertussen met de door de vrijwilligers uitgedeelde ballonnen.

Vandaag geniet ik van een vrije dag. Al bijtijds komt Jimmy, onze vaste chauffeur, me ophalen met mijn drietal koffers. In de hoofdstad van Uganda, Kampala, stap ik over in Vincents auto en samen rijden we in 3 uur tijd over modderige landwegen naar zijn vader en zijn 5 jonge dochters in een klein dorpje. De vader is niet gehinderd door zijn leeftijd van ver in de 90 en is kennelijk nog erg fertiel, want de jongste telg is 3 jaar oud...

De hoornachtige miereneter hield me met zijn schorre gebrul uit mijn slaap, maar ik waande me gelukkig, want er zijn vervelendere redenen waardoor je niet slapen kunt, nietwaar??
Kleine Maurice is ineens zo ziek, virusinfectie met zo'n hoge koorts dat hij gekoeld moet worden in een badje, een infuus krijgt (na 3 sneue pogingen in zijn veel te smalle armpjes werd het infuus toch maar in zijn hoofdje geprikt) en 1 op 1 verzorging behoeft, dag en nacht.

Wakker worden hier in Afrika zijn de blije kinderstemmetjes van de kinderen van Noah's Ark, de vogels in al hun toonsoorten horen en vanuit je slaapkamerraam de bananen- en mangobomen zien en ruiken.

We gaan ons jaarlijkse Afrikaanse avontuur weer tegemoet. Boven de Europese Alpen en de Afrikaanse sahara is het genieten van het uitzicht. Iets minder, maar wel spectaculair was een onweerswolk ter grootte van de Himalaya. De lichte en forse turbulentie boven Afrika went nooit, maar alles is vergeten als je op Ugandese bodem landt en de brede lach van onze Ugandese zoon Vincent herkent tussen al zijn wachtende landgenoten.
Na 11 narrow escapes met vrachtwagens die in het midden van de weg ons tegemoet kwamen denderen op de smalle slechte wegen, kwamen we Godzijdank toch veilig aan bij Noah's Ark. Heerlijk weerzien met de mensen en het plekje dat me na 11 jaar zo dierbaar is geworden. Om half 2 mijn bed opgezocht.

In juni 2012 bracht Wilma den Breejen-Buhrs, voorzitter van de Stichting Help UGanda (HUG) een werkbezoek aan de projecten van de stichting in Uganda. Hieronder haar verkorte verslag.

Deel dit:

FacebookTwitterLinkedin

Reageer via Facebook:

Go to top